De kerk en de zeeman
Votiefschepen in De Oude Kerk


De zeeman vaart op de kerk. In tijden toen vaarroutes nog nauwelijks waren gemarkeerd
– en de wateren in onze streken zeer onberekenbaar - vormden de kerken de belangrijkste bakens.

Er zijn nog steeds zeilers die op het IJsselmeer, varend van Enkhuizen naar Stavoren, wel eens prevelen:
Hindeloopen vrij aan ’t land, vaar je vrij van ’t Vrouwezand.  De Kerk van Hindeloopen helpt sinds
eeuwen de zeeman de legendarische zandbank ten zuiden van Stavoren te omzeilen.

Ook op moderne vaarkaarten zijn kerken in kustplaatsen aangegeven, vaak niet alleen symbolisch,
maar zelfs met een piepklein tekeningetje.

De Oude Kerk is zo diep in de uitdijende stad Amsterdam geraakt dat zij geen zeeman meer tot baken dient:
haar toren is ook niet meer hoog genoeg. (Haar jongere zuster, de Nicolaaskerk van 1887, is op de
vaarkaart van het IJ wel gemarkeerd). Maar ooit stond De Oude Kerk, gewijd aan Sint Nicolaas,
de schutsheilige van zeevaarders, reizigers
en Amsterdam, vlak bij open water. Toen was zij het voornaamste
gebouw – het enige van steen ook – dat het punt markeerde waar de Amstel in het IJ uitmondde. 
Daar waren mensen komen wonen, zoals bij iedere vesting van belang, met vereende krachten een kerk
hadden neergezet, een veilig gebouw op een terp.

Er is veel dat de kerk verbindt met de scheepvaart – en niet alleen het wonderlijke feit dat de romp van de kerk 
vanouds het ‘schip’ heet. De timmermanskunst die nodig was voor het vervaardigen van houten
dakconstructies en gewelven was nauw verwant aan de scheepsbouw. De meeste Hollandse kerken hadden
houten gewelven, ook nog toen die elders al van steen werden gemaakt.

Zeelieden waren vaak lang van huis, en leidden levens van extreme afwisseling, nu eens levensgevaarlijke stormen trotserend, dan weer de dodelijke verveling van langdurige windstilte. Zij zochten de kerk op voor vertrek,
om te bindden voor een behouden vaart. In hun afwezig
heid werden de gebeden voortgezet door ouders, vrouwen
en kinderen.

En in veel kerken hingen vanouds, als om aan de verre geliefden te herinneren, scheepjes. Modellen, ingebracht
als dank voor een veilige thuiskomst, als versiering bij het altaar van een schippersgilde, of als aandenken aan een gewonnen zeeslag. Zo’n scheepje was tevens een verwijzing naar het ‘schip der kerk’, geleid door God en bestuurd
door Petrus – en naar het meest legendarische aller schepen, de Ark van Noach.

‘Schipper naast God’, heetten zeehelden zoals Jacob van Heemskerck en Michiel de Ruyter.
Beide mannen gingen ter kerke in De Oude Kerk.
In het Buitenlandvaarderskapel, aan de zuidoostkant van het gebouw, hing (voordat het Calvinisme in 1578
alles schoonveegde) een zilderen votiefschip, het model van een oude kogge.

Op woensdag 7 november 2007 werd deze traditie in ere hersteld.
Toen werd een Hulkschip, St. Anna, samen met de twee andere boten
gedoopt.

Daarmee werd De Oude Kerk opnieuwe herkenbaar als wat zij altijd
is geweest: een zeemanskerk.

(tekst: Ileen Montijn)

Hulkschip ‘St. Anna’ 1350
Het hulkschip, dat de inspiratie vormde voor het bouwen en weer plaatsen van de votiefschepen,
was een schip dat gebruikt werd voor goederenvervoer.
Het verscheen als type rond het jaar 1200 en was ontwikkeld als Vinkinschip.
Het schip werd vaak als votiefschip in een kerk opgehangen en vervolgens
bij een processie door de stad gedragen.


Lengte: ca. 100cm
Gemaakt door Louk van Meurs; Egmond aan Zee
Plek: Kooromgang



De Aeolus 1607
Naar model van het admiraalschip van Jacob van Heemskerk, de Aeolus
of ‘De bewaker van de Winden’, waarmee hij de Slag bij Gibraltar won
in april 1607. Heemskerck gaf een bijzondere wending aan de Europese
geschiedenis door deze slag te winnen; de Spanjaarden moesten naar
de onderhandelingstafel en dit leidde tot het Twaalfjarig Bestand (1609-1621).
Het Vredesraam van 1648 in de Kooromgang vertelt het einde van dit Europese
verhaal van de 80-jarige oorlog.

Lengte: ca. 150cm
Gemaakt door Jacob van der Kooij,; Oudeschild, Texel
Plek: Graf Jacob van Heemskerck in Snijderskapel



SS Rembrandt 1857
Het eerste ijzeren schip met stoomkracht en met een zeil en gebouwd voor
Nederlands’ eerste en grootste rederij KNSM, dat in 1856 was opgericht.

Lengte: ca. 100cm
Gemaakt door Henk van der Biezen, Frans Kersten en Rien van Zandbeek

Plek: Buitenlandvaarderskapel

In de Buitenlandvaarderskapel hing een zilveren votiefschip tot de Beeldenstorm
van dinsdag 23 augustus 1566. Veel achtergelaten maritieme elementen in deze
Havenkerk van Amsterdam verdwenen in de tijd. De zeehelden zijn echter gebleven.
De gravenvloer van De Oude Kerk telt vele zeehelden, zoals

Jacob van Heemskerk, die de overwintering op Nova Zembla had meegemaakt,
Abraham van der Hulst, Isaac Sweers e.a.


Kijk voor meer informatie op onze speciale website: www.gravenopinternet.nl