| |
Restauratie De Oude Kerk DAG IN DAG UIT informatie over de voortgang van de restauratie Graf van de Maand Geschiedenis van de restauraties van de kerk De Oude Kerk is het oudste monument van Amsterdam, gebouwd rond 1300 en zes jaren later ingewijd door Guy d'Avesnes, Bisschop van Utrecht. Het bood vanaf het begin ruimte aan de Katholieke erediensten, die veelvuldig werden gevierd. Nadat in 1578 het bestuur van de stad Amsterdam was overgenomen door de Protestanten, werd de kerk 'ingericht' voor de protestantse erediensten. Tijdens de Beeldenstorm in 1566 waren de meeste katholieke voorwerpen reeds uit de kerk verwijderd. Derhalve bleef een kale ruimte over. Mettertijd echter, werden een preekstoel en kerkbanken geplaatst en mochten de 'gewone burgers' hun eigen stoel meenemen. Ook was het mogelijk een stoel van de kerk te huren. In het voormalig Heilig Graf werd een oven neergezet, waar de kolen voor de voetstoven werden opgewarmd. De preek werd het belangrijkste onderdeel van de eredienst, maar om de dominee toch een gelimiteerde tijd te geven voor zijn bijbeluitleg, werd op de preekstoel een zandloper gezet. Doordat de Nieuwe Kerk op de Dam zo'n belangrijke plaats was gaan innemen binnen de gezamenlijke Protestantse kerken in Amsterdam, raakte De Oude Kerk enigszins buiten het zicht van de notabelen. Het bestuur van de stad kon, nadat op de Dam het nieuwe Stadshuis was gebouwd, gemakkelijker in de Nieuwe Kerk ter kerke gaan. Geleidelijk aan raakte De Oude Kerk in verval. In de 19e eeuw werd enig onderhoud gepleegd en in 1938 vormde zich een Comité van Vrienden der Oude Kerk, die begon te ijveren voor een restauratie. Toen in 1951 de kerkgesloten moest worden voor publiek, uit angst voor instorting, belegde het Genootschap Amstelodamum een vergadering in het Ministerie van de Nieuwe Kerk en pleitte voorhet behoud van De Oude Kerk. Een jaar later werd de kerk weer gedeeltelijk opengesteld en in 1955 werd het eigendom van De Oude Kerk overgedragen door de Hervormde Kerk Nederland aan de Stichting De Oude Kerk te Amsterdam. Met behulp van geld van sponsors kon in dat jaar ook begonnen worden met de 1e grote restauratie. Deze restauratie duurde tot 1978. Er werd onder meer gewerkt aan de fundering van de kerk, waarvoor een aantal graven moesten worden geruimd (de stoffelijke resten werden voor onderzoek naar het AMC). Het gehele interieur kreeg een opknapbeurt en ook werd de dikke verflaag op de balken en het gewelf van de kerk verwijderd. Tot grote verrassing kwamen onder deze grijs-blauwe verflaag schitterende schilderingen tevoorschijn. Ook de glas-in-lood ramen werden gerestaureerd. De tweede restauratie (1994-1998) Hierin werd aandacht geschonken aan de afwatering op en rond de kerk en werd het klimaat binnenin de kerk aangepakt (de ramen kregen een extra bescherming). Ook werden de panden die tegen de kerk zijn aangebouwd, gerestaureerd en werd een nieuw pand gebouwd, op de hoek van het Oudekerksplein. De Doopkapel werd leeggepompt en de bronzen platen, die afkomstig waren van de vergaande kisten werden tentoongesteld in de Librye, waar zij nu nog altijd te bezichtigen zijn. In 2001 werd de Toren van de kerk gerestaureerd. Zoals alle grote toren van de stad is de Oudekerkstoren het eigendom van de Gemeente Amsterdam. En ook in de jaren 2007 en 2008 stond de Toren in de steigers, om noodzakelijk onderhoud te kunnen plegen aan het vele loodwerk en de bestreiding van de bonteknaagkever. In februari 2008 werd begonnen met de 3e Restauratie van de kerk. Ditmaal zal de gehele zerkenvloer van de kerk worden hersteld. De meeste grafstenen zullen worden gelicht, gerepareerd en teruggelegd op een nieuwe, verstevigde zandlaag. Echter, geen enkel graf zal worden geruimd. Tevens zal groot onderhoud worden verricht. Men hoopt de restauratie te kunnen beëindigen in 2013. Tegen die tijd zal ook het Grote of Vater-Müller orgel zijn gerestaureerd. |