Juli en augustus 2010
locatie: kooromgang
Carel van Mander stamt uit een invloedrijke familie in Meulebeke (bij Kortrijk) en stond bekend als dichter en schilder, maar maakte vooral naam als schrijver van Het schilder-boeck, waarin hij de regels beschreef waar een goed schilderij aan zou moeten voldoen en waarin tevens veel levensbeschrijvingen werden gegeven van Nederlandse en Duitse schilders.
Carel van Mander werd geboren in Meulebeke (bij Kortrijk) en doorliep de Latijnse school. Na zijn schooltijd ging hij in de leer bij de Vlaamse schilder en dichter Lucas de Heere en Pieter Veerick.
Na zijn leertijd bij Veerick begon hij zich bezig te houden met het schrijven van toneelstukken, waarvoor hij zelf de decors en bepaalde effectmachines verzorgde, om het toneel zo echt mogelijk te laten lijken. Vanwege de pest verliet hij zijn ouderlijk huis en vestigde zich in Brugge.
In 1573 vertrok hij naar Rome, waar hij de Italiaanse schilderkunst nog beter leerde kennen.
In de loop van de 16e eeuw vertrokken veel Nederlanders naar het Zuiden om zich op de hoogte te laten stellen van de rijke Italiaanse cultuur. Niet alleen schilders, maar ook geleerden, tapijtwevers, goudsmeden en musici trokken naar Italië.
Tijdens zijn verblijf schilderde hij in opdracht decoraties voor paleizen en kerken en verbleef hij langdurig in een ' scholae' , waar ook andere buitenlanders hun intrek hadden genomen.
Na drie jaar keerde hij terug en vestigde zich, na een korte periode aan het Praagse Hof te hebben gewerkt, in Haarlem, waar hij o.m. de 'Haarlemse Academie' opzette. Daar werd naar naaktmodel gestudeerd, iets wat volkomen nieuw was in de Nederlanden.
In totaal zijn 30 schilderijen van hem bekend. In het Rijksmuseum hangt een schilderij op koper, welke geschilderd is volgens de regels, die hijzelf had geformuleerd.
In 1604 kwam hij in Amsterdam wonen en publiceerde Jacob de Meester, uitgever te Haarlem, zijn Schilder-boeck. Mander werd voor het schrijven hiervan betaald door de Haarlemse Vroedschap.

Twee jaren later overleed Carel van Mander en werd hij begraven in de Oude Kerk. Op zijn hoofd lag een lauwerkrans. Hij liet een weduwe en zeven kinderen na.
In de Kooromgang werd op 11 september 1936 een gedenksteen voor hem in de muur geplaatst, net onder het glas-in-lood raam ter herinnering aan de Vrede van Munster, en, naar verluid, dicht bij zijn graf. Deze gedenksteen werd geplaatst door Nederlandse en Vlaamse bewonderaars.
Het graf van de maand van juli en augustus 2010 is tot stand gekomen ter gelegenheid van de tentoonstelling 'Colour of Mind'.
|