Cornelis Claesz. (1551-1609) Buitenlandvaarderskapel (nr. onbekend)
Geboren in Leuven. Zijn ouders waren van Leuven naar Emden gevlucht, waarna Cornelis vertrok via Keulen naar Enkhuizen, waar hij een boekhandel begon. Pas nadat Amsterdam in 1578 overging tot het Protestants geloof, vestigde Cornelis Claesz. zich in het huis 't Schrijfboeck, op 't Water bij de oude Brugghe, het huidige Damrak 36.
Vanuit deze winkel handelde hij in schrijfpapier, ganzenveren, penselen, leien, perkament, passers en zegellak. Hij ontwikkelde zich van boekverkoper tot een van de meest prominente uitgevers. Zijn eerste uitgave waren de Psalmen van David. Vervolgens publiceerde hij geschriften over de opstand tegen de Spaanse overheersing, die een enorme aftrek vonden, maar al snel ging hij over tot het publiceren van kaarten en boeken over de zeetochten van de Nederlandse ontdekkingsreizigers. Hij publiceerde niet alleen Nederlandse uitgaven, maar verzorgde ook vertalingen van Nederlandse reizen in het Frans en Latijn en vertaalde belangrijke Engelse reisverhalen in het Nederlands.
Hij onderhield contacten met belangrijke drukkers als Gerard Ketel in Groningen, Jan van Waesberghe in Rotterdam en de firma Commelinus in Heidelberg. Hij had een grote hoeveelheid drukplaten in zijn bezit en gaf ook emblemata uit, een soort allegorische voorstelling, en prenten van bekende kunstenaars als Albrecht Dürer.
Zijn bekendste uitgave is het dagboek van Gerrit de Veer, die daarin schreef over de barre overwintering op het eiland Nova Zembla. Dat Cornelis Claesz. dit boek publiceerde is niet zo vreemd, want hij had eerder met Willem Barentsz. samengewerkt. Andere grote opdrachtgevers voor publicatie van hun werk waren Jan Huygen van Linschoten en Cornelis de Houtman.
Baanbrekend waren de beroemde zeekaarten van de predikant en geograaf Petrus Plancius, die zich liet inspireren door de Spaanse cartograaf Bartolomeu Lasso. Deze kaarten vormden een belangrijke opstap naar de door Plancius geïnitieerde ontdekkingsreizen.

De invloed van Claesz. op de ontwikkelingen in Amsterdam valt niet te onderschatten. Hij legde het fundament voor de Amsterdamse atlascartografie, welke een belangrijke invloed hebben gehad op de ontdekking van vele gebieden buiten Europa.
Cornelis Claesz. was als boekverkoper lid van het Sint Lucasgilde, waarin ook de schilders waren verenigd. Als schutter diende hij in het deftige Kloveniersgilde. De schilder Aert Pietersz. maakte in 1599 een portret van de Compagnie van kapitein Jan de Bisschop en vaandrig Pieter Egbertsz. Vinck, waarin Claesz. wordt afgebeeld met een passer in zijn hand.
Cornelis Claesz. werd in 1609 begraven in de Oude Kerk. Zijn nalatenschap besloeg 50.000 gulden. De bibliotheek van de Universiteit van Amsterdam bezit een grote collectie van het werk van Claesz.

|